|
|
Ervaringen in verschillende contexten zingend opgedaan. De
rituele stroom waarin het lied ons kan voeren, heeft een
heelmakende potentie, over grenzen van geloof en overtuiging
heen.
Illustratie: aankomen in de
volle breedte…
Oktober 2013, Belzig in de buurt van Berlijn. Zojuist ben ik
hier aangekomen om deel te nemen aan een vierdaagse
conferentie ‘Leben, Sterben, Feiern’. Bij de toegang tot de
conferentieruimte krijg ik van een deelnemer een vaas met
een kaarsje, hij zegt er ook iets bij, ik versta het maar
half, iets met ‘Licht und Wärme’ die me gewenst worden. Zelf
geef ik de vaas ook maar door, ik stamel wat woorden, het
ritueel overvalt me enigszins en er is geen ontko-men aan.
In de ruimte zelf wordt gezongen, een mantra in voor mij
onbe-grijpelijke woorden. Nieuwsgierig naar het programma,
zoek ik een plaats.
Er is gekozen voor een kringopstelling met diverse
‘schillen’. Ik merk dat ik mee ga zingen, er hangen teksten
van de mantra, de melodie is eenvoudig maar klinkt mooi, her
en der klinkt er een tweede stem. Ik vind een plaats die me
bevalt, ga zitten, pak mijn opschrijfboekje en een pen, de
autorit zit nog in mijn lijf dus voel ik behoefte om me wat
uit te strekken. Ondertussen blijven er deelnemers
binnenkomen die ik nu zingend mag verwelkomen. Sommigen zijn
nog even druk met hun telefoontjes, anderen verwisselen toch
nog maar eens van plaats, een aantal zingt met gesloten
ogen, een enkeling ondergaat het geheel zwijgend. Niemand
gaat (uitgebreid) praten. Ik merk hoe de verschillende
klanken steeds meer een geheel gaan vormen. Na ongeveer
25 minuten mantrazang hebben alle deelnemers een plaats
gevonden, heb ik mijn reis achter me gelaten, wordt de
samenzang zachter, is het even stil en klinkt het
welkomstwoord van de conferentieleiding.
Klik
hier voor het gehele gehele artikel.
Door Ronald Naar
Verschenen in Tijdschrift Geestelijke Verzorging nr. 75,
jaargang 17. |
|