|
|
|
|
|
|
Rockgitarist? Waarschijnlijk een witte man
|
|
|
|
|
|
|
|
Over het algemeen denken we dat muziek mensen samenbrengt.
Welke taal je ook spreekt, wat voor opleidingsniveau,
huidskleur, gender, seksuele voorkeur je ook hebt: de ritmes
en melodieën van muziek zouden dit alles overstijgen. Toch
is de realiteit niet zo rooskleurig, ontdekte ik. De mensen
die we tegenkomen bij onze favoriete muziekgenres lijken
doorgaans erg veel op de mensen waarmee we ons omringen in
het dagelijks leven op school, werk, en bij onze ouders,
vrienden en familie. En vaak zijn we ons daar maar weinig
bewust van. Door de consumptie van rockmuziek te
onderzoeken, probeer ik er achter te komen hoe dit werkt.
Van Atlanta naar Rotterdam
Het is een uur of tien ’s avonds en ik sta in een afgeladen
concertzaal in Atlanta, het Zuiden van de Verenigde Staten.
Terwijl de gitaar van Buzz Osborne – zanger en luidruchtige
gitarist van rockband The Melvins keihard |
|
|
|
|
|
|
|
 |
|
|
|
Buzz Osborne
|
|
|
|
piept en scheurt, kolkt er in het midden van de zaal een
massa schreeuwen-de fans met vuisten hoog in de lucht. Het is
warm en benauwd, sigaretten-rook van omstanders kringelt af
en toe mijn neus in, ondanks een algeheel rookverbod.
Wanneer de verlichting op het podium wordt gedimd om de band
een moment te gunnen hun gitaren opnieuw te stemmen, valt op
hoe donker het is in de zaal: ik kan alleen de persoon voor
me nog een beetje zien. De naam van de zaal – Heaven – is
dus niet hierop gebaseerd, maar waar-schijnlijk omdat deze
ruimte een walhalla is voor iedere rockfan.
7047 kilometer ten Noordoosten en een paar maanden eerder
sta ik in het rode rockschip Vessel 11, Rotterdam. De boeg
van het schip is een stuk kleiner dan Heaven, maar de zaal
is ook hier tot de nok toe gevuld op het moment dat de
Utrechtse rockers John Coffey hun eerste keiharde noten
spelen. Fans springen vanaf de bar in het stomende publiek,
druppels con-dens die zich hebben verzameld op de metalen
bielzen aan het plafond vallen op nietsvermoedende hoofden.
Zanger David begint met een razend-snelle ‘be-pe-be-pe’ en
het publiek volgt met be-pe-be-broke my neck on the steps in
the hospital! De boot lijkt heen en weer te schudden. Buiten
zijn de gesprek-ken twee keer zo hard om te compenseren voor
onze piepende oren.
Ondanks de enorme afstand tussen deze twee locaties zijn
de meeste rock-concerten in Westerse samenlevingen ongeveer
vergelijkbaar. Ja er zijn zeker verschillen: Amerikanen
lijken de neiging te hebben wat dichter op het podium te
gaan staan – ook als het heel rustig is. Ook wordt er wat
meer meegezongen, maar dat heeft waarschijnlijk met de taal
te maken. Grappig genoeg roepen Amerikanen aan het einde van
een optreden ‘one more song’, terwijl Nederlanders ‘we want
more’ schreeuwen. Een aspect dat niet ver-schilt en de meeste
fans, artiesten en organisatoren lijkt te ontgaan is de
samenstelling van het publiek: in beide situaties begeef ik
me in een ruimte met overwegend witte mannen.
Eigenlijk is dat best vreemd, want zowel Atlanta als
Rotterdam staan bekend als multiculturele steden waar het
grootste gedeelte van de bewoners een niet-witte huidskleur
heeft. Havenstad Rotterdam huisvest meer dan 170
verschillende nationaliteiten en meer dan de helft van de
bevolking heeft een niet-Westerse achtergrond. Atlanta staat
ook wel bekend als het ‘Zwarte Mekka’ omdat de stad
fundamenteel was voor de Afro-Amerikaanse
gelijk-heidsbeweging van de jaren zestig en het was de
thuisstad van burger-rechtenactivist Martin Luther King. Nog
steeds heeft Atlanta, op New York na, de grootste Afro-Amerikaanse populatie van het land. Hoe kan het dan dat
wanneer je naar een rockconcert gaat in een van deze steden,
je zo weinig niet-witte mensen tegenkomt? En waarom zien we
relatief weinig vrouwen in de zaal en op het podium? Precies
daar gaat mijn onderzoek over.
De witte man als norm…zonder dat
we het doorhebben
Rock ‘n’ roll muziek werd in de jaren vijftig van de vorige
eeuw vooral ge-speeld door zwarte Amerikaanse muzikanten.
Maar in een tijd van racisme – waar zwarte en witte mensen
niet met elkaar om mochten gaan – was het vrijwel onmogelijk
voor platenmaatschappijen om ‘zwarte muziek’ te
ver- |
|
|
|
kopen aan potentiële witte liefheb-bers. Daarom gingen
zij op zoek naar witte muzikanten die deze muziek konden
maken. Het bekend-ste voorbeeld hiervan is Elvis Pres-ley die
later bekend is komen te staan als The King of Rock ‘n’ Roll.
Sindsdien is rockmuziek ‘witge-wassen’: zowel in bands als in
het publiek zien we zelden niet-witte muzikanten meer.
Verder werd rock ‘n’ roll steeds meer gezien als een vorm
van rebellie tegen de geves-tigde orde. Van mannen werd
ver- |
|

Elvis
Presley |
|
|
|
wacht dat zij rebelleerden en opvielen; van vrouwen werd
juist verwacht dat
zij niet hun hoofd boven het maaiveld uitstaken. Het gevolg is
dat we ook heel weinig vrouwelijke artiesten en fans zien. Omdat witte mannen in de meeste Westerse samenlevingen zelden
te maken hebben gehad met discriminatie op basis van hun
huidskleur en gender, is het voor hen heel makkelijk om te
oordelen dat er geen racisme of seksisme meer bestaat in onze
samenleving. Door naar rockmuziek te kijken als typisch ‘wit’ en
‘mannelijk’, probeer ik te achterhalen hoe de witheid en
mannelijkheid van rockmuziek in stand wordt gehouden. Wat
blijkt? Dit gebeurt vooral op manieren die mensen vaak niet in
de gaten hebben, ze zijn zich er dus niet bewust van.
Zo worden niet-witte of vrouwelijke artiesten vaak ‘gemarkeerd’:
‘een zwarte gitarist’ of een ‘vrouwelijke band’, terwijl dat bij
witte mannen zelden gebeurt. Ook worden er op basis van
huidskleur en geslacht vergelijkingen gemaakt.
Gitarist Benjamin Booker is de nieuwe Jimi Hendrix, en Ryanne
van Dorst van Ella Bandita is de nieuwe Anouk terwijl er weinig
muzikale overeenkomsten aanwezig lijken te zijn.
Rockmuziek onderzoeken
Door me te richten op de consumptie van rockmuziek, probeer ik
te achter-halen hoe deze complexe processen tot stand komen en
wat dit betekent voor dagelijkse ongelijkheid in de
maatschappij.
Het gaat mij dus niet zozeer om rockmuziek, maar juist om wat de
consumptie van rockmuziek zegt over grotere sociale processen.
Natuurlijk is dit niet alleen heel erg interessant maar ook erg
leuk om te doen: op dit moment ben ik voor mijn onderzoek in
Atlanta, om daar allerlei mensen te interviewen die naar
rockmuziek luisteren. Uiteraard mag ik daarom ook zo nu en dan
naar een concert om te bekijken hoe het er daar aan toegaat. En
om een beetje te genieten natuurlijk.
Blog door: Julian Schaap
Uit:
Kennislink
dinsdag 17 mei 2016 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikelen Zoeken
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikelen Aanmelden
|
|
|
Heeft u zelf interessante artikelen
geschreven over zingen of kent u artikelen over zingen die u voor deze rubriek wilt
aanmelden, laat het ons dan
hier
weten!
|
|
|
VoicEmail
|
|
|
|
|
|
VoicEmail is de gratis e-mail nieuws-brief van Zing.nl met het laatste nieuws over alles wat met zingen te maken heeft.
Bekijk
hier de laatste editie. Deze nieuwsbrief wordt maandelijks
aan ruim 17.500 zang-liefhebbers toegezonden.
Neem
een gratis abonnement
... |
|
|
|
|
|
Repertoire en Meer ...
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Multi
Mix Music biedt u een uitgebreide collectie aan eigentijds
en klassiek repertoire. Maar u kunt ook bij ons terecht voor Tipboeken, CD-consultancy en nog veel meer ...
|
|
|
|
|
|
ZINGmagazine
|
|
|
|
|
|
 |
|
|
|
|
|
ZINGmagazine is hèt tijdschrift voor iedereen die van
zingen houdt. Van koorzangers en -zangeressen tot duo en
grootkoor, van smartlap tot oratorium; voor solisten op het po-dium en in de badkamer, maar ook voor dirigenten
en
zangdocenten.
Meer
...
|
|
|
|
|
|
|
|
|